Partneralimentatie


De behoefte wordt bepaald door de welstand van het gezin tijdens het huwelijk, waarbij onder meer het inkomen, het uitgavenpatroon en het spaargedrag van de partijen relevant zijn. Vervolgens wordt bekeken of de andere echtgenoot voldoende draagkracht heeft om (al dan niet gedeeltelijk) in die behoefte te voorzien. Recht op partneralimentatie bestaat in beginsel voor de duur van twaalf jaar, te rekenen vanaf het moment dat de echtscheiding definitief is. Als het huwelijk minder dan vijf jaar heeft geduurd en er geen kinderen uit het huwelijk zijn geboren, dan geldt de verplichting net zolang als het huwelijk geduurd heeft. Het bedrag wordt net als kinderalimentatie jaarlijks geïndexeerd met een wettelijk indexeringspercentage. Partneralimentatie is fiscaal (naar progressief tarief) belast bij de alimentatiegerechtigde en aftrekbaar voor de alimentatieplichtige. De alimentatie wordt meestal in maandelijkse termijnen betaald, maar kan ook in één keer worden afgekocht. De hoogte en/of de duur van overeengekomen of opgelegde alimentatie kan worden gewijzigd als sprake is van gewijzigde omstandigheden. Dat kan bijvoorbeeld een daling zijn van het inkomen van de alimentatieplichtige, of een stijging van het eigen inkomen van de alimentatiegerechtigde. De verplichting tot het betalen van partneralimentatie eindigt als de alimentatiegerechtigde gaat samenwonen met een ander alsof er sprake is van een huwelijk. Dat moet bij betwisting door de alimentatieplichtige worden aangetoond, hetgeen in de praktijk erg moeilijk blijkt.