Huwelijksvermogensrecht
In dat geval zijn alle goederen en schulden van de
echtgenoten gemeenschappelijk, ongeacht of deze voor of tijdens het
huwelijk zijn verworven of aangegaan. Een uitzondering geldt voor
zogenaamde "verknochte goederen en schulden" die slechts in de gemeenschap vallen voorzover de verknochtheid zich hier niet tegen verzet. Goederen waarvan bij uiterste wilsbeschikking van de erflater of bij de gift is bepaald dat zij buiten de gemeenschap vallen, maken evenmin onderdeel uit van de gemeenschap van goederen. In geval van echtscheiding dient de gemeenschap van goederen bij helfte te worden verdeeld.
Veel mensen laten door de notaris voor of tijdens het huwelijk huwelijksvoorwaarden opstellen. Veelal wordt daarin een
zogenaamd Amsterdamse verrekenbeding opgenomen. Zo’n beding kan bepalen dat
echtgenoten ieder jaar hun overgespaard inkomen – dat is kort gezegd
het inkomen van beide partijen in enig jaar minus alle kosten van de
huishouding – bij helfte moeten verdelen. In de praktijk gebeurt dat
zelden. Het is lange tijd de vraag geweest of er dan aan het einde van
het huwelijk nog iets te verrekenen valt en zo ja, wat. Mede naar
aanleiding van een stroom van rechterlijke uitspraken is per 1
september 2002 een regeling over dergelijke verrekenbedingen in de wet
opgenomen.
Daarin is onder meer vastgelegd op welke wijze de
verrekening moet plaatsvinden als het verrekenbeding tijdens het
huwelijk niet is uitgevoerd. In beginsel dient dan al het vermogen dat
aan het einde van het huwelijk aanwezig is, te worden verrekend,
waarbij per saldo ieder de helft van de waarde krijgt. Tegenbewijs is
echter mogelijk. Als een echtgenoot bijvoorbeeld kan aantonen dat hij/zij vóór
het huwelijk reeds beschikte over een bepaald vermogen of dat hij
tijdens het huwelijk een erfenis of schenking heeft ontvangen, dan
blijft dat vermogen buiten de verrekening. Voorwaarde is dan echter wel
dat dat vermogen aan het eind van het huwelijk nog steeds aantoonbaar
aanwezig is of aantoonbaar is geïnvesteerd in een ander
vermogensbestanddeel. Met name voor ondernemers die destijds een
Amsterdams verrekenbeding hebben laten opnemen in hun
huwelijksvoorwaarden, kan de wet ingrijpende gevolgen hebben.
De nieuwe wet is helaas niet op alle punten even
duidelijk. Dat leidt momenteel tot veel juridische procedures,
bijvoorbeeld over de vraag of en zo ja, hoe een woning in de
verrekening moet worden betrokken die volledig met behulp van een
hypothecaire lening is gekocht maar op naam van één van partijen is
gesteld. De Boorder Schoots volgt die procedures op de voet om haar
cliënten in vergelijkbare kwesties optimaal te kunnen adviseren.


